Showing posts with label dutch. Show all posts
Showing posts with label dutch. Show all posts

Schimmig Kroatië

Een paar maanden geleden verscheen het boek De poppenspeler en de duivelin van de Vlaamse schrijver Johan de Boose. Ik heb het nog niet helemaal uit, dus ik kan er geen afgerond oordeel over geven. Vooralsnog sluit ik me aan bij de recensie van David Jan Godfroid op diens Belgradoblog. Ook ik heb moeite met de filosofische en literaire dwarsverbanden die De Boose voortdurend legt, want hoewel spontaan bedoeld geven ze het boek een grote mate van gekunsteldheid. Dat geldt ook voor de weergaloze en spitsvondige gesprekken die De Boose voert (en geen van de gesprekspartners spreekt in zijn moedertaal). Uit ervaring weet ik dat De Boose die gesprekken voor een (groot) deel fictionaliseert. In het boek komt tweemaal een situatie ter sprake waar ik bij was en die ik me anders herinner dan De Boose heeft opgeschreven. Maar misschien had ik te veel Tomislav op. (Mocht je dit lezen, Johan de Boose, en nogmaals naar Kroatië komen, drink dan eens Tomislav in plaats van Ožujsko of Karlovačko. Als een Vlaming die gewend is aan donker bier zal Tomislav je zeker bevallen.) Het is de vrijheid van een schrijver gesprekken weer te geven zoals hij wil, maar de onwetende lezer heeft helaas niet de gezonde argwaan die ik soms voelde. Bovendien weet ik niet hoeveel waarde ik moet hechten aan het merendeel van de gesprekken waar ik natuurlijk niet bij was. Niettemin is het De Booses grote verdienste dat hij in korte tijd veel pijnpunten in de Kroatische psyche en geschiedenis heeft blootgelegd. In de laatste pagina’s van zijn boek schemert de belofte om verder te reizen naar Bosnië en Servië en ik hoop dat hem dat gaat lukken.

Normaal is elk woord van een buitenlander over Kroatië hier groot nieuws. Soms denk ik dat Kroatië een leger informanten heeft dat alle berichtgeving in de buitenlandse media nauwgezet volgt. Desondanks heeft De poppenspeler en de duivelin in de Kroatische pers nog weinig aandacht gekregen. Dat kan komen omdat De Boose naar de mening van Kroatische journalisten niet positief genoeg is over Kroatië en dus wordt genegeerd (dat gaat vaak zo), maar waarschijnlijk ligt de oorzaak in het chronische gebrek aan belangstelling voor het buitenland in het algemeen en de Lage Landen in het bijzonder. Voorbeeld: de aan Nederland gewijde boeken in de collectie van de Nationale en Wetenschappelijke Bibliotheek in Zagreb zijn op de vingers van één hand te tellen. Ik heb ook niet de indruk dat de Nederlandse ambassade veel doet om die onbekendheid te verkleinen of op zijn minst het boekenbezit van de armlastige bibliotheken hier te vergroten.

Niettemin vond ik in Dubrovački list, een lokale krant uit Dubrovnik, een artikel over De poppenspeler en de duivelin. Omdat de journalist geen Nederlands kent (ik vraag me af of hij doorhad dat het om een Nederlands en geen Frans boek ging) heeft hij het boek niet gelezen en is zijn artikel eigenlijk een interview met Johan de Boose. Hieronder mijn gebrekkige vertaling, ik houd me aanbevolen voor verbeteringen. Misschien viel het de vertaler wel net zo zwaar om van De Booses zwierige Engels, Duits, Frans of Russisch een leesbare Kroatische tekst te maken. Daar komt bij dat bondig schrijven en helder formuleren in Kroatië laag in aanzien staat. Zoals je zult merken was de boekpresentatie georganiseerd door de Alliance Française, een veeg teken voor wie hoopte op nauwer contact tussen het Kroatische/Servische/Bosnische/Montenegrijnse en het Nederlands taalgebied.

Fictieve reisroman over Kroatië gepresenteerd van de Belgische schrijver Johan de Boose: De poppenspeler en de duivelin

De poppenspeler is het symbool van de geschiedenis, van gans het voorbije en vergetene, van idealisme en een soort romantiek, die ik een aantal keren ontmoet en die mij vertelt over de geschiedenis van Kroatië en de gehele regio. Daarbij maakt hij vaak gebruik van marionetten. De figuur duivelin heb ik geënt op een ontmoeting met een zeer irritant meisje in Zagreb met wie ik later bevriend ben geraakt. Zij is de realiteit, het pragmatisme en naar eigen zeggen een nationalist, die je dingen zal zeggen waarover in het openbaar niet wordt gesproken. Mijn figuur kreeg de indruk dat Dubrovnik tegelijkertijd een symbool van vrijheid en een gevangenis is wiens bewustzijn van de beschaving me intrigeerde. Daar heb ik ook de scenografie geplaatst waarin de poppenspeler overlijdt. Dat hoofdstuk heb ik verzonnen tijdens een wandeling door de stad en baart me nog altijd zorgen.

Het boek De poppenspeler en de duivelin van de Belgische schrijver Johan de Boose waarin de auteur reisfictie schrijft op een reis door Kroatië werd afgelopen week gepresenteerd in hotel Bellevue. De promotie werd georganiseerd in het kader van een regionale ontmoeting van Franse Allianties waarvan de Franse Alliantie uit Dubrovnik gastheer was en precies in hun organisatie verbleef De Boose in december 2007 in onze stad, in het kader van het Uitwisselingsprogramma van schrijvers tussen Kroatië en België.
Als resultaat van dat verblijf ontstond dit boek, met als oorspronkelijke titel De poppelspeler en de duivelin, dat zijn reis door Kroatië en buurlanden beschrijft, en de ervaring van Kroatië als voor alles een land van de Europese culturele gezindte. De auteur zelf presenteerde het boek, terwijl de de kennismaking van het publiek met de Belgische schrijver werd geleid door Dubravka Zvrko, de voorzitster van de Franse Alliantie uit Dubrovnik

Utopie en realiteit
De schrijver onthult het geheim van de boektitel, die hij tegen de gewoonte in al had bedacht eer hij met schrijven begon. Het gaat over de twee hoofdrolspelers in zijn verhaal over Kroatië, de poppenspeler die volgens De Booses getuigenis de sublimatie is van veel dierbare mensen die hij tijdens zijn reis door ons land heeft leren kennen en die hem in diverse hoofdstukken vertelt over de geschiedenis van Kroatië en de hele regio. Daarbij maakt hij vaak gebruik van marionetten. De poppenspeler is het symbool van de geschiedenis, van gans het voorbije en vergetene, van idealisme en een soort romantiek. Ik heb hem een paar keer tijdens mijn reis door Kroatië ontmoet en hij vertelde mij verhalen. Hij sterft aan het einde van het boek en wel als oude man in een oud vervallen huis in Dubrovnik, maar voor zijn dood vertelt hij mij het laatste verhaal over zijn reizen. De tweede hoofdpersoon is de duivelin, die ik heb geschapen naar aanleiding van een ontmoeting met een erg irritant meisje dat ik in Zagreb leerde kennen. Toen ik een voordracht hield zat zij op de vloer van het lokaal van de universiteit in Zagreb en stelde vragen die me ergerden. Hoewel het prima is dat iemand vragen stelt en zegt wat hij denkt, dacht ik de hele tijd ‘waarom houdt die duivelin haar mond niet’. Na de voordracht gingen we naar een Zagrebs café en hebben we bijna de hele nacht gepraat en zijn we later vrienden geworden. Zij is de realiteit, het pragmatisme en naar eigen zeggen een nationalist, die je dingen zal zeggen waarover in het openbaar niet wordt gesproken. De poppenspeler is dus de figuur van de utopie, maar zij is echt,” zei hij tijdens de presentatie.

Opdracht van de auteur
De ondertitel van het boek luidt Een reis naar de schimmen van Kroatië, als een opdracht van de auteur aan alle mensen die hij wilde ontmoeten maar die niet meer leven.
“Dat zijn er veel, maar ik heb ze op een metafysische manier ontmoet. Het gaat om slachtoffers van de oorlogen in Kroatië. Daarom staat op de omslag van het boek een foto van een jong joods meisje dat in de Tweede Wereldoorlog is vermoord. Ze heette Nada Lang en is begraven op een kerkhof in Osijek. Het is alsof ze ‘opnieuw stierf’ in de oorlog van de jaren negentig toen er in Osijek werd geschoten, wat ik me realiseerde op de foto van de fascinerende kunstenaar Ivan Faktor die haar grafsteen fotografeerde,” zegt De Boose
Johan de Boose onthult dat hij ook de geografische structuur van deze reisroman moest vinden, die het raamwerk van het boek zou worden. Hij benadrukt de noodzakelijke logica van die reis. “Daarom ben ik vanaf Baška op Krk vertrokken, dat door de Baškatafel, een belangrijk symbool van de Kroatische geschiedenis, in een pelgrimsoord is veranderd en dat het begin vormt van het verhaal over Kroatië in de middeleeuwen. Het eerste schriftelijke monument in het glagolitisch is tevens het bindmiddel van de hele reis, want aan het einde ben ik in Osijek en Vukovar waar ik stilsta bij een glagolitische inscriptie die eveneens een symbool kan zijn. Schrijvend over Dalmatië veranderde ik Dalmatië in het contrast tussen de schoonheid van het landschap en de tragedie van de oorlog uit de jaren negentig. In het geval van Dubrovnik kreeg mijn hoofdpersoon de indruk dat deze stad tegelijkertijd een vrijheidssymbool en een gevangenis is. Mij interesseert de geslotenheid van kleine straatjes, katten die vrijelijk rondlopen, smerige hoekjes… het bewustzijn van de beschaving die me intrigeerde. Daar heb ik ook de scenografie geplaatst waarin de poppenspeler overlijdt. Dat hoofdstuk heb ik verzonnen tijdens een wandeling door de stad en baart me nog altijd zorgen,” concludeert de schrijver.

(Geen) vertaling
Aan het eind van de avond vertelde hij dat hij reisfictie schreef over Polen, het IJzeren Gordijn in Duitsland en ook over Rusland. Overal kreeg hij evenwel te horen dat ze die boeken niet wilden vertalen omdat hetgeen hij had geschreven hun niet beviel en dat ze geen Belgische surrealist nodig hadden om hen te vertellen hoe hun land ervoor stond.
“Dergelijke boeken heb ik de afgelopen zes jaar geschreven en met het boek over Kroatië beëindig ik dat hoofdstuk van mijn schrijverschap. Ik ben blij dat ik in Kroatië het idee heb gekregen dat mensen een blik van buitenaf waarderen, dat het hen niet stoort dat ik hun land heb gezien. Het enkele feit dat ik het boek presenteer voordat het vertaald is in het Kroatisch belooft dat het zo kan zijn dat u het boek snel in uw eigen taal kunt lezen en dat zou me erg verheugen,” zei Johan de Boose.

Afgaand op hetgeen werd gezegd bij de promotie lijkt het om een interessant boek te gaan, waarin de auteur met een gefictioneerde reisroman eigenlijk een blik van een Belgische auteur op de Kroatische geschiedenis biedt. We verheugen ons al op de toekomstige Kroatische vertaling die werd aangekondigd door Dubravka Zvrko, de voorzitster van de Franse Alliantie uit Dubrovnik, en op een nieuw bezoek van de Belgische schrijver die, na zijn verblijf gedurende de uitwisseling van schrijvers in 2007, nog vaak in Dubrovnik verbleef, alwaar hij naar eigen zeggen talrijke vrienden heeft gemaakt.

Rode draad
“Ik houd niet van de uitdrukking non-fictie, waarmee mijn proza wordt aangeduid. Boekhandelaren en verkopers vragen me echter regelmatig in welke afdeling ze mijn boeken moeten plaatsen. Vaak belanden ze in de afdeling geschiedenis en religie die niemand leest, en dan zeg ik hun: zet ze tussen de romans, want het zijn geschiedenisverhalen. Daarom zeg ik liever dat het om gedocumenteerde fictie gaat of om een persoonlijke roman. Daarin bestaat een figuur dat ik in werkelijkheid zelf ben, want als ik een roman schrijf, vraag ik me altijd af wie de figuur is die ik ben. Ondertussen is hij de eigenlijke gids door het verhaal, de figuur die deuren ontsluit en erg aanwezig is, maar ook volkomen afwezig, want ik schrijf niet alleen over mijzelf. Ik beschouw mijzelf niet als interessant maar ik wil de lezer Kroatië voorstellen, dat zo’n interessant heden en verleden heeft. Derhalve ben ik slechts de rode draad in het boek, de figuur die van stad naar stad trekt, van eiland naar eiland en zich verwondert over wat hij ziet en hoort, zonder te oordelen,” aldus de Belgische auteur.

Bijeenkomst van Franse Allianties
De Franse Alliantie Dubrovnik was de gastheer van de regionale samenkomst van Franse Allianties die de afgelopen week in Dubrovnik werd gehouden. Aan de bijeenkomst namen ongeveer twintig voorzitters van Franse Allianties uit de hele regio deel (Slowakije, Hongarije, Tsjechië, Bulgarije e.a.) die ervaringen uitwisselden over het leiden van instellingen en de bevordering van de Franse taal in hun landen. Er werd ook gesproken over de financieringswijze van de instellingen en het inzamelen van middelen uit Europese fondsen. Tevens werd de promotie van Johan de Booses boek georganiseerd.

Melancholie

"Als gevolg van het mislukken van het debat over de grondwet zal de overheid in Bosnië en Herzegovina nog machtelozer blijven dan hij (sic) al is. Maffia-achtige nationalisten, dubieuze religieuze leiders en door tycoons omgekochte politici krijgen daarmee nog meer speelruimte om machteloze, arme, aan willekeur overgeleverde mensen nog verder te manipuleren. De EU en Carl Bildt hebben daarmee helaas een kans verspeeld. De enige hoop is nu nog gevestigd op de burgermaatschappij in ontwikkeling, de VS en het Bosnische nationale voetbalelftal, dat, zonder gekheid, met een kwalificatie voor het WK voetbal een groot aantal zaken zou kunnen veranderen."
Zo eindigt een somber artikel van Balkan-correspondent Erich Rathfelder in Die Tageszeitung. Na gisteravond is er een extra reden tot somberheid, want Bosnië heeft het WK voetbal helaas niet gehaald, op het nippertje niet. Ik zat met bier en chips op de bank, hopend op een goede afloop. De ambiance in Zenica, een industriestad in het hart van Bosnië, was heel anders dan vorige week in Lissabon. Het veld was modderig, er hing een lichte mist, op de achtergrond schemerde een flatgebouw uit Tito's tijd. Kortom, een typische scene uit de Kroatische en Bosnische voetbalcompetitie. Omwonenden staan met een biertje bij de roštilj (barbecue) op hun balkon en loeren zo het stadionnetje in. Het handjevol supporters zit vlakbij de microfoon van de commentator. Thuis kun je, als er wordt gescoord, de afzonderlijke stemmen van de juichende supporters onderscheiden. Ik word daar altijd ontzettend melancholisch van.
Over Bosnische stadions gesproken: weinig stadions zijn zo getekend door verdriet als het stadion in Sarajevo. Gedwongen door ruimtegebrek en sluipschutters werd het voetbalveld gebruikt als begraafplaats.


Vukovar

Vandaag is het achttien jaar geleden dat Vukovar in handen viel van het Servische leger, hoewel dat officieel nog het Joegoslavische Volksleger heette. Ook vorig jaar en het jaar daarvoor besteedde ik daar aandacht aan. Dit is alweer de derde maal dat ik de kaarsen langs de Vukovarstraat in Zagreb fotografeerde.

Al is de ceremonie elk jaar min of meer dezelfde, de duizenden kaarsen blijven een indrukwekkend gezicht. Wel leken er veel minder te staan dan eerdere jaren. Herdenkingsmoeheid?

Een ander - nogal banaal - verschil met twee jaar geleden is de temperatuur. Toen lag er, zoals je hieronder ziet, een laag sneeuw. Gisteravond was het maar liefst achttien (18) graden.

Hongarije (2)

Quinque Ecclesiae, Quinque Basilicae, Fünfkirchen. Van de oorspronkelijke vijf kerken die Pécs zijn naam gaven is weinig meer over, dus er moeten andere redenen zijn geweest om Pécs uit te roepen tot European Capital of Culture in 2010. Samen met Istanbul en Essen welteverstaan. Het motto van Pécs is "De grenzeloze stad". Aardig voor wie uit de Europese Unie komt, maar voor Kroaten - buren nota bene - bestaan grenzen nog wel degelijk. Tussen Koprivnica en Gyékényes loopt de grens, waar geüniformeerde types met zaklantaarns schijnen in de lege ruimtes boven het plafond in de trein. Een Hongaar die een krat Oostenrijks bier mee naar huis neemt, drijft handel. Een Kroaat die een paar flessen Tokaji in zijn koffer heeft, is een smokkelaar. De eerste geeft de economie een zetje, de tweede schaadt de economie, althans volgens de met ons belastinggeld betaalde haters van vrijhandel die zogenaamd weten wat "goed" en "slecht" economisch gedrag is.
Enfin, wie van Zagreb naar Pécs reist, moet in Gyékényes overstappen. Als de trein vertraging heeft en je de overstap mist, zoals ik, sta je om 07.00 's ochtend in Gyékényes, een piepklein grensdorp, en vraag je je af wat je de komende twee uur gaat doen. Een beetje observeren dan maar. Zo leerde ik dat Hongaren erg van worst houden, een glaasje wodka slechts een halve euro kost, sommige mannen om zeven uur al bier drinken, op de fiets naar de supermarkt (waar al die worsten te koop zijn) in Hongarije heel gewoon is, en er nog veel stokoude Škoda's, Trabantjes en Lada's rondrijden.



Als je na lang wachten eindelijk in het boemeltje van Gyékényes naar Pécs (ik word gek van zoveel streepjes op de "e") zit, vraag je je af waarom de treinen in zelfs Bulgarije en Servië er beter uitzien en waarom er geen rookverbod is in de trein. Ook vraag je je af wanneer het Hongaarse spoorboekje voor het laatst is herzien, want je stopt bij verlaten, half ingestorte stationnetjes met vreselijke namen waar niemand in- of uitstapt. Wat me verder opviel, was dat de graanvelden in Hongarije zoveel groter zijn dan in Kroatië. Wuivend koren tot aan de horizon, eindeloze akkers. Zijn de Hongaarse boeren zoveel rijker of krijgen de Kroatische boeren last van pleinvrees als hun akker groter is dan een vierkante kilometer?

In Pécs zelf, tenslotte, is van alles te zien. Ik ga dat hier niet opnoemen en zou zeggen: ga er zelf heen, je kunt je er makkelijk een paar dagen vermaken. Ik laat het bij een paar foto's en een goed bedoeld advies aan het gemeentelijk busbedrijf in Pécs. Hang bij het Centraal Station eens een plattegrond met buslijnen en bijbehorende nummers. Je weet wel, zo'n eentje die met gekleurde lijnen de routes laat zien. Reuzehandig als er volgend jaar drommen toeristen op jullie stad afkomen en helemaal niet duur.





Hongarije (1)

Deze week was ik twee keer in Hongarije. De eerste keer per auto bij het Balatonmeer en de tweede keer in Pecs, een uur of vier treinen vanaf Zagreb. Hoewel (continentaal) Kroatië met geen enkel land zo'n lange gedeelde geschiedenis (1102-1918) heeft als met Hongarije, stellen de Kroatisch-Hongaarse verhoudingen niet veel voor. Wenen is in alle opzichten het voorbeeld voor Zagreb, Duits en Italiaans zijn populaire talen, winkelen doen Kroaten in Triëst, Graz, Wenen of Ljubljana. Hongarije bungelt er een beetje bij.
Qua landschap en architectuur is Hongarije, althans wat ik ervan heb gezien, niet of nauwelijks te onderscheiden van continentaal Kroatië, maar wat direct in het oog springt is de taal. In Bulgarije of Slovenië red ik me met een mix van Kroatisch en Engels, maar in Hongarije had ik aan geen van beide talen veel. Ik had net zo goed in Vietnam kunnen zijn, waar ook het Latijnse schrift wordt gebruikt maar je uiteraard niets begrijpt. Hongaars is een bizar, exotisch, ontoegankelijk eilandje in een Slavische zee. Toen ik een keer "tej" bestelde en een glas melk kreeg voorgezet, had ik het definitief gehad met het Hongaars. Thee blijkt trouwens gewoon "tea" te zijn.
Wie de Kroatisch-Hongaarse grens per auto oversteekt, komt er al snel achter dat het vereiste tolvignet nergens te krijgen is. Tankstations waren in geen velden of wegen te bekennen, maar ondertussen werd ik wel bang gemaakt met de een plaatje van een vignet plus videocamera. Je hoeft geen Hongaars te kennen om te begrijpen wat daarmee werd bedoeld.
Na tientallen kilometers uitstekende Hongaarse snelweg, verscheen er eindelijk een benzinepomp aan de horizon. Opgelucht stapte ik naar binnen en zei tegen de dame achter de toonbank: "Vignet, please." Ze mij een kenteken zien dat niet bij mijn auto hoorde. Pas na lang stoïcijns wijzen naar het kenteken werd me duidelijk dat ze wilde dat ik mijn kenteken opschreef. Goed, honderd meter op en neer naar de huurauto, kenteken genoteerd en aan de dame gegeven. Ze voerde het in op een machientje. De Ž bleek te zijn getransformeerd tot een Z, maar dat neem ik de Hongaren niet kwalijk. Ik drukte op OK, betaalde ongeveer 1500 forint en kreeg het bonnetje toegestopt. Dat was alles. Niks geen sticker op de voorruit. Mijn kenteken was blijkbaar verzonden naar een controlepunt dat ook de camera's boven de weg beheerde. Big Brother is nooit ver weg in Hongarije.
In Hongarije (1) verder alleen maar lof. De snelweg Boedapest-Zagreb is fantastisch, het eten prima, het winkelaanbod overdonderend (als je maar lang genoeg in Kroatië woont). Nou, vooruit, nog één punt van kritiek: het muziekaanbod op de radio. Je kunt tijdens de vier uur durende rit van Boedapest naar Zagreb het ene station naar het andere proberen, maar ze draaien allemaal onveranderlijk dance. Bestaat er soms een Hongaarse wet die rock op de zaterdagavond verbiedt?
Over een paar dagen volgt Hongarije (2), ofwel met de trein naar Pecs, de Culturele hoofdstad van Europa in 2010.

Voetbal

"De Engelsen missen iets," zei de Kroatische bondscoach Slaven Bilić aan de vooravond van de WK-kwalificatiewedstrijd Engeland-Kroatië. Wat dat "iets" is, zullen we nooit weten, want Engeland vernederde Kroatië met 5-1. "Het grootste voetbalverlies uit onze geschiedenis," zei een wanhopige commentator. Schrale troost dat die geschiedenis pas in 1993 begon. De ironie is nu dat als Kroatië nog naar Zuid-Afrika wil, het moet juichen voor Engeland. Alleen als de Engelsen Oekraïne verslaan, heeft Kroatië een redelijke kans tweede te worden in de groep en zich te plaatsen voor de playoffs.
Voorafgaand aan de wedstrijd brak er een ware mediaoorlog uit tussen Kroatië en Engeland. Kroaten geloofden dat sommige van hun spelers (uitkomend in de Premier League) met opzet keihard werden aangepakt in de Engelse voetbalcompetitie, zodat ze voor Engeland-Kroatië geblesseerd zouden raken. Op hun beurt meldden de Britse tabloids dat duizenden Kroatische nazi's op weg waren naar Londen. Dit artikel in The Sun laat weinig aan de verbeelding over.
Veel voetballiefhebbers uit de Lage Landen zullen de komende maanden het Kroatische clubvoetbal in de gaten houden. Ajax, Anderlecht en Dinamo Zagreb zijn namelijk ingedeeld in dezelfde groep van de Europa League. Op 17 september wordt de eerste ronde gespeeld en komt Anderlecht op bezoek in Zagreb.
Twee jaar geleden was ik bij Dinamo Zagreb-Ajax. Van die wedstrijd herinner ik me vooral het intense gevoel van verveling (één klutsgoal van Ajax) en het fanatisme van de Dinoma-aanhang, die beter bekend staat als Bad Blue Boys. Mijn verslag van destijds is hier te lezen. Op 5 november is Ajax te gast en ik denk dat ik voor die wedstrijd naar het stadion Maksimir ga. Als het er dan nog is, want het verkeert in zo'n slechte staat dat de UEFA volgend jaar waarschijnlijk geen vergunning verleent voor het spelen van Europese wedstrijden.

Tweederangs Europeanen

De site Presseurop biedt vertalingen van krantenartikelen in diverse talen van de Europese Unie. Die stukken komen niet alleen uit de bekende Europese kranten (Le Monde, The Daily Telegraph, enzovoort; de bronnen die steevast door Welingelichte kringen worden geraadpleegd) maar ook uit kranten die in Nederland door bijna niemand gelezen worden, maar wel in Hongarije, IJsland of Roemenië. Presseurope leest tot mijn verrassing ook kranten uit twee landen die geen lid van de EU zijn: Moldavië en Bosnië.
Donderdag stond er een Nederlandse vertaling van een artikel uit het Bosnische weekblad Dani op de voorpagina, geschreven door Ivan Lovrenović. De strekking van zijn verhaal is dat Bosnische moslims gediscrimineerd worden door de Europese Unie. Bosnische Kroaten hebben namelijk naast de Bosnische ook vaak de Kroatische nationaliteit, en met hun Kroatische paspoort kunnen ze zonder visumverplichting naar de EU reizen. Voor Bosnische Serviërs zal binnenkort hetzelfde gelden, want op 1 januari 2010 wordt voor Serviërs de visumplicht afgeschaft. De achterblijvers zijn, aldus Lovrenović in Dani, de Bosnische moslims en de Albanese Kosovaren - eveneens moslims.
Ik kan mij de frustratie wel voorstellen, ook al heeft Lovrenović zelf de Kroatische nationaliteit. De Bosnische jongeren in het televisieprogramma Future Express klaagden dat Sarajevo voelde als een dichte doos waar je niet uit kunt ontsnappen. Ze zijn jong en willen wat van de wereld zien, maar ze hebben vaak niet eens geld om een visum te kopen.
Toch geloof niet ik dat achter de visumplicht voor Bosnische moslims een anti-islam houding van de EU schuilt. Oekraïners zonder Pools paspoort zullen zich ook achtergesteld voelen, evenals sommige Polen die niet in bepaalde EU-landen mogen werken, terwijl Polen met een Duits paspoort vrijelijk geld in het Westen kunnen verdienen. Kortom, de Bosnische moslims staan er niet alleen voor, maar hun lotgenoten zijn niet te benijden.
De situatie van de moslims in Bosnië maakt de staatshervorming (om eens een Vlaams woord te gebruiken) aldaar er niet eenvoudiger op. Zoals De Standaard eergisteren schreef over Bosnië: "Kroaten lonken naar Zagreb, Serviërs naar Belgrado en de Bosniakken vrezen verweesd achter te blijven in een opgedeeld land."
De "internationale gemeenschap", de landen dus met de beste wapens, probeert de zaak bij elkaar te houden. Het is alsof je een aangestoken rotje blijft omklemmen in de hoop dat het niet afgaat. Uiteindelijk blijf je met verbrande handen achter.


Future Express

Vorige week zag ik een aflevering van Future Express, een programma dat met vertraging door BVN wordt uitgezonden. De aflevering "Zagreb-Mostar Express" (Aflevering 3 - Ontwaken in een nieuwe droom - Bosnië) ging over voormalig Joegoslavië, de oorlog van toen, de jongeren van nu en hun dromen over morgen. De aflevering is hier te bekijken.
Strikt genomen rijdt de trein van Zagreb naar Ploče, beide plaatsen in Kroatië, maar het is tekenend voor de Kroatische geografie en geschiedenis dat Ploče, een foeilelijk kuststadje, per trein alleen via Bosnië te bereiken is. Daarmee is Ploče overigens beter af dan Dubrovnik, dat ook per auto niet te bereiken is zonder door Bosnië te rijden en geen enkele spoorverbinding heeft.
Ik vond het een interessante aflevering, als was het maar omdat ik zelf wel eens van Mostar via Sarajevo naar Zagreb ben gereisd en daar destijds een berichtje over schreef. Het was ook een ontroerende uitzending, vol met jonge mensen die de oorlog als stompzinnig en zinloos zagen, veroorzaakt door slechte leiders. Zelf gaven ze niet om nationaliteit en beschouwden ze iedereen als gelijk. Je zou willen dat iedereen zo open en onbevooroordeeld in het leven stond...
Dat is ook mijn kritiek op de reportage (de soms foutieve ondertiteling is een andere zaak). Het doet ons goed als mensen (moslims, Serviërs en Kroaten) zeggen dat oorlogen zinloos zijn en nationaliteiten onbelangrijk. Maar hoeveel mensen in deze regio denken dat eigenlijk? Hoe representatief waren de geïnterviewden eigenlijk? Heeft de regisseur zich in de maling laten nemen, heeft hij speciaal gezocht naar tolerante, open jongeren of zat de trein toevallig bomvol met goedwillende, elkaar liefhebbende mensen die stuk voor stuk een familielid of tenminste hun eigendommen waren kwijtgeraakt door de oorlog? Zaten er ook "normale" mensen in die trein?
Nogmaals, het was prachtig om te zien dat er in Bosnië jonge mensen wonen die zich over oude tegenstellingen willen heenzetten en dromen van een fraaie toekomst, maar zij vormen geen doorsnede van ex-Joegoslavië. Nog diezelfde week, in de achtertuin van een aanpalend huis, spraken een Kroatisch meisje en twee Nederlandse jongens met elkaar. Ik brandde van nieuwsgierigheid om die jongens te vragen wat ze in Zagreb deden, maar geneerde me ervoor om uit het raam te gaan hangen en te roepen naar het gezelschap dat luidruchtig bier en rakija dronk achter wat struiken. Ik verstond slechts flarden van het gesprek, maar de uitspraak van het meisje dat ze "Serviërs niet kan uitstaan" ontging me niet. Misschien heeft ze er goede redenen voor.
Minder goede redenen had de Kroatische snotaap in de trein naar Križevci die "Srbe na vrbe!" door de coupé schreeuwde. Vrij vertaald: "Serviërs aan de hoogste boom!" Hij was te jong om de oorlog te hebben meegemaakt, maar oud genoeg om het rookverbod in de trein te negeren.
"Heb je er last van als ik rook," vroeg hij aan het meisje tegenover hem.
"Helemaal niet," zei ze giechelend.
Hij: "Ik heb ook nooit ergens last van, behalve van Serviërs."
Het bovenstaande is natuurlijk ook niet representatief - gelukkig niet - maar wel een nuancering op het roze toekomstbeeld dat Future Express liet zien. Het merkwaardige is dat de programmamaker, Rob Hof, aan het begin zei dat hij zich thuisvoelt in voormalig Joegoslavië want zijn vrouw is Sloveens. Juist van hem zou je dan verwachten dat hij mensen met uiteenlopende meningen aan het woord laat. Als we dat niet doen, dan vragen we ons over een paar jaar af "hoe het zo ver heeft kunnen komen". En dan doel ik op de splitsing van Bosnië, waarover in de reportage met geen woord is gerept, maar die onvermijdelijk lijkt.

Balkanblogs

Waarde lezers,
De schaarse regelmatige bezoekers van dit weblog zullen hebben gemerkt dat ik de laatste maanden weinig heb gepost. (Wie denkt: "He, dit heb ik al eerder gelezen!" heeft gelijk. Scroll door naar het tweede plaatje voor nieuws.) Opvallend genoeg blijft het aantal bezoekers constant. Dat wil zeggen: een handjevol per dag. Enerzijds is het verheugend om te merken dat sommige berichten nog gelezen worden, anderzijds is het teleurstellend dat het nauwelijks uitmaakt of ik veel of weinig schrijf.
Daarom heb ik besloten de Engelstalige markt aan te boren, wat nog niet zo eenvoudig is. De concurrentie is moordend.
Niet dus. Blogs met nieuws over nieuwe veerdiensten, de zoveelste overwinning van de Kroatische gastronomie, de fantastische wijnen die hier gemaakt worden maar om onverklaarbare redenen buiten Kroatië volslagen onbekend zijn, zulke weblogs zijn er genoeg. Daar hoor je mij dus niet over.
Op Croatian Crescent probeer ik van tijd tot tijd goed en slecht nieuws uit Kroatië te brengen. Ik vraag begrip voor mijn onvolmaakte Engels. Ik behoor niet tot de categorie mensen die denken dat ze in Engels toch net iets puntiger en geestiger formuleren dan in het Nederlands, integendeel. Het is een noodgreep (bij wijze van spreken dan), meer niet.
Servië kan vanuit Nederland op meer belangstelling rekenen. Dat bleek onder meer uit het inmiddels ter ziele gegane Bureau Belgrado. Al geruime tijd (en zeer getrouw, gemiddeld anderhalf bericht per dag) schrijft correspondent David Jan Godfroid verrassende stukjes over Servië en, als daar reden toe is, over zijn buurlanden.
Voor die grotere belangstelling kan ik wel een paar redenen bedenken. (1) Het wagenpark is veel gevarieerder. (2) Kroatië heeft geen Kosovo. Dat is niet trouwens niet helemaal waar... (3) De Servische politiek is interessanter, om eens een eufemisme te gebruiken. (4) Belgrado is de grote broer onder de Balkansteden. (5) Zo kan ik nog wel even doorgaan.
Maar misschien zijn ze gewoon vaardiger met de pen. Hoe dan ook - samo uživajte, zoals aan deze en gene zijde van de Donau wordt gezegd.

Balkan in Beeld verder als Croatian Crescent

Waarde lezers,
De schaarse regelmatige bezoekers van dit weblog zullen hebben gemerkt dat ik de laatste maanden weinig heb gepost. Opvallend genoeg blijft het aantal bezoekers constant. Dat wil zeggen: een handjevol per dag. Enerzijds is het verheugend om te merken dat sommige berichten nog gelezen worden, anderzijds is het teleurstellend dat het nauwelijks uitmaakt of ik veel of weinig schrijf.
Daarom heb ik besloten de Engelstalige markt aan te boren, wat nog niet zo eenvoudig is. De concurrentie is moordend.
Niet dus. Blogs met nieuws over nieuwe veerdiensten, de zoveelste overwinning van de Kroatische gastronomie, de fantastische wijnen die hier gemaakt worden maar om onverklaarbare redenen buiten Kroatië volslagen onbekend zijn, zulke weblogs zijn er genoeg. Daar hoor je mij dus niet over.
Op Croatian Crescent probeer ik van tijd tot tijd goed en slecht nieuws uit Kroatië te brengen. Ik vraag begrip voor mijn onvolmaakte Engels. Ik behoor niet tot de categorie mensen die meent dat ze het in Engels toch net iets puntiger en geestiger formuleren dan in het Nederlands, integendeel. Het is een noodgreep (bij wijze van spreken dan), meer niet.

Yugo, or you don't go

De single "The day that never comes" van Metallica staat in Kroatië hoog in de hitlijst. In de bijhorende videoclip is, vooral in de laatste drie minuten, een opvallende rol weggelegd voor een auto die steeds verder uit het straatbeeld verdwijnt: de Yugo.
Het is bepaald niet de eerste keer dat de Yugo zijn opwachting maakt in films. Bijna altijd laat de auto iemand in de steek en dat is in Metallica's clip niet anders. Misschien is dat nieuws nog niet doorgedrongen tot landen als Congo en Algerije, want volgens de directeur van Zastava (waar Yugo onderdeel van is) zijn die landen geïnteresseerd in de Zastava-technologie. Wie weet... Servië zelf gelooft er in elk geval niet meer in, want na 55 jaar en ruim vier miljoen auto's zijn de fabrieken in Kragujevac verkocht aan Fiat.

Homo's op tv? Liever niet!

Dezer dagen wordt in Zagreb de Gay Pride gehouden, een gebeurtenis die garant staat voor een hoop gedoe in de Kroatische machomaatschappij. "Jesus loves me" is een van de slogans die Kroatische homo's dit jaar met zich meedragen, maar ik betwijfel of de Kroatische katholieke kerk het daarmee eens is. De invloed van de kerk rijkt hier ver, en bisschoppen bemoeien voortdurend met van alles en nog wat. Te weinig baby's, te toegeeflijk jegens Serviërs, zangeres Severina die een fout shirtje draagt - er komt geen einde aan.
Ook van de media hoeven we weinig steun voor homo's te verwachten. De programmaraad van de HRT - de staatstelevisie - heeft besloten dit onschuldige spotje niet uit te zenden. Leden van de raad vonden het spotje "te radicaal" en sommigen vonden zelfs dat "minderheden vaak een grens overgaan en de meerderheid terroriseren". De minderheden kunnen de borst natmaken.

Autovrij

Zagrepčani klagen steen en been over het gebrek aan parkeerplaatsen in de hoofdstad. Onterecht, volgens mij. Vergeleken met andere Europese hoofdsteden is het vinden van een parkeerplaats in Zagreb een eitje. De ochtendspits hier zou voor veel Nederlanders ook een verademing zijn.
In de Bovenstad mag van mij het parkeren helemaal verboden worden. Toeristen worden er vaak van hun sokken gereden en, zeg nou zelf, al dat blik in die oude straatjes is geen gezicht.

I love Zagreb

De hele Zagrebse Bovenstad wordt verlicht door het sfeervolle type lantaarn zoals op de foto. Vandaag ontdekte ik bij toeval dat dit soort buitenlamp ook in Nederland te krijgen is, en wel onder de naam "model Zagreb".
Zagreb was, zo lees je hier vaak, de eerste Europese stad met elektrische straatverlichting. Helaas gunt Wikipedia die eer aan Timişoara in Roemenië.

Maarschalk Poetin

Toen Kroatië onafhankelijk werd, was het snel gedaan met socialistische straatnamen. Het Plein van maarschalk Tito bestaat nog, en ergens in een buitenwijk kun je wonen aan de Arbeidersstraat, maar dat is het dan wel. Kroatische communisten die op enig moment uit de gratie raakten bij Tito hebben na de onafhankelijkheid wel een straat gekregen, zoals Andrija Hebrang. Hebrang was een vooraanstaand partizanenleider, maar hij zou na de oorlog te nauwe banden hebben onderhouden met het Kremlin. Dat was na de breuk tussen Stalin en Tito in 1948 natuurlijk ongewenst. Exit Hebrang. Zijn zoon, ook Andrija geheten, is trouwens tweemaal minster van Volksgezondheid geweest en is op dit moment leider van Sanaders HDZ-partij in het Kroatische parlement.
In Servië is het Kremlin na zestig jaar weer helemaal terug. Vladimir Poetin is al ereburger in Sombor, Vrbas, Loznica, Raska en Apatin. Novi Sad, Kikinda en Nis zullen hem naar verwachting ook uitroepen tot ereburger. In Banja Luka, hoofdstad van de Republika Sprska in Bosnië, zag ik oudjes rondlopen met portretten van Poetin. Hoe groot de liefde tussen de Slavische broeders is weten we zondag aanstaande, wanneer er in Servië presidentsverkiezingen worden gehouden. Tomislav Nikolic, leider van de Servische Radicale Partij en verklaard russofiel, is een van de grote kanshebbers.

Kylie in Karlovac

Grote artiesten slaan Zagreb vaak over tijdens Europese tournees. Soms gaan ze wel naar buurlanden, zoals afgelopen zomer de Rolling Stones naar Servië (Belgrado) en Montenegro (Budva), en dat geeft hier scheve gezichten. Ook Paris Hilton liet deze week weten het zonnige Kroatische eiland Hvar te laten schieten ten gunste van Belgrado. De rapper 50 Cent trap pas wel op in Zagreb, maar heeft daar slechte herinneringen aan. Hij werd betrapt toen hij in zijn kleedkamer een lijntje coke snoof, maar ontkent de aantijging en zegt nooit meer in Kroatië te willen optreden.
Gelukkig werden we deze week getroost met het nieuws dat Kylie Minogue misschien deze kant opkomt. Ergens in mei 2008 zou Kylie ("de grootste popster na Madonna", volgens een Kroatische krant) moeten optreden in het voetbalstadion van Karlovac of all places, een afgelegen stadje ter grootte van Zeist. Wie weet.

Een land vol veteranen

In oudere Servo-Kroatische woordenboeken kom je het woord "branitelj" niet tegen, terwijl Kroatië er een half miljoen van heeft. Branitelj betekent letterlijk "verdediger" maar hier te lande worden er alle veteranen uit de Vaderlandse oorlog mee bedoeld. Achter dat woord schuilt een politiek statement: wij werden aangevallen (door de Serviërs) en hebben ons slechts verdedigd. Over de vraag wie die "wij" zijn, wordt de laatste tijd heftig gediscussieerd. De lijst met veteranen is namelijk geheim, maar het gerucht gaat dat er ruim 480.000 man op staan, die op de een of andere manier financieel gesteund worden. Dat is voor een land van nog geen 4,5 miljoen mensen een gigantisch groot aantal. Sommige echte branitelji geloven daarom dat het wemelt van de nepveteranen. Een aangeslagen boer en veteraan in Slavonië klaagde op televisie over de paar rotcenten die hij ontvangt. "Een half miljoen veteranen", briesde hij, "waar waren al die lui toen er gevochten werd? Het Rode Leger, dat had er een half miljoen!" Hij wil, net als vele strijdmakkers, dat de lijst openbaar wordt zodat het kaf van het koren kan worden gescheiden.
Een van de echte veteranen is Branimir Glavas, een hoge officier in het Kroatische leger tijdens de burgeroorlog die nadien uitgegroeide tot een bekend politicus. Vreemd genoeg krijgt hij in de Westerse media nauwelijks aandacht. Bij de verkiezingen van vorige week won zijn partij drie zetels, wat veel is voor iemand die als verdachte van oorlogsmisdaden al meer dan een jaar in de gevangenis zit. Hij zou onder andere Servische burgers hebben gedwongen batterijzuur te drinken en met afgeplakte monden in een rivier hebben gegooid. Glavaš beweert dat de huidige parlementsvoorzitter Šeks overal van wist en overal bij was, dus deze zaak kan nog een lang staartje krijgen.

Mooie Brena in Belgrado

Mocht Joegoslavië nog op een bepaalde manier bestaan, dan is het waarschijnlijk muzikaal. Hoe het met de populariteit van Kroatische bands in Servië staat weet ik niet, maar omgekeerd zit het goed. De Partibrejkers en Darkwood Dub, beide bands uit Belgrado, treden regelmatig op in Zagreb en onlangs was zelfs Električni orgazam te gast. Ik ben benieuwd of die ook "Igra rokenrol cela Jugoslavija" (Heel Joegoslavië speelt rock 'n roll) lieten horen, een van hun grootste hits. Op YouTube is gelukkig een Kroatische versie te vinden: Igra rock 'n' roll cijela Jugoslavija.

Een ander ex-Joegoslavisch fenomeen, Lepa Brena ofwel Mooie Brena, doet misschien mee aan het volgende Eurovisie Songfestival in Belgrado. De Bosnische televisie zou haar hebben gevraagd Bosnië te vertegenwoordigen. Lepa Brena moet er nog over nadenken maar ze vindt het "in elk geval een grote eer dat ik gekozen ben".

Lekker stukje Eadamac

Het suffix "ac" is een van de vele achtervoegsels die in het Kroatisch bestaan om iemands nationaliteit aan te geven. Nizozemac (Nederlander), Nijemac (Duitser), Koreanac (Koreaan). Een Edammer is daarom een "Edamac". Toen ik een foto's maakte van deze "langdurig in prijs verlaagd"-reclameborden vroeg een beveiliger wat ik aan het doen was. Ik zei dat ik voor het thuisfront grappig foto's van Kroatië maakte.
"Dan moet je eerst toestemming vragen aan de manager!" Ik droop af en zag hem druk met iemand telefoneren, wijzend naar de kaas. Die kaas, of het nou Gauda of E(a)damac is, komt trouwens altijd uit Duitsland of Kroatië.

Wat je niet moet weten

Nadat de Engelsen in Wembley op hun snufferd gingen, leek het de Daily Mirror een goed idee uit te zoeken wat voor land Kroatië eigenlijk is. Het artikeltje is zo mogelijk nog slechter dan het spel van het Engelse elftal. Wat de Kroaten ("die sinds 2004 lid zijn van de EU en dus geen visum nodig hebben voor het Verenigd Koninkrijk") waarschijnlijk het meeste zal steken is de Daily Mirror het aantal toeristen met bijna 10 miljoen te laag inschatte.